Overslaan en naar de inhoud gaan

Van beleg naar preventie: mensenrechtenzorgen te midden van Guatemala’s veiligheidsmaatregelen

Staat van beleg na aanvallen op de politie in Guatemala 

Op 18 januari 2026 riep president Bernardo Arévalo een 30 dagen durende staat van beleg uit na gecoördineerde aanvallen in Guatemala-Stad, waarbijbendeleden meerdere agenten van de Guatemalteekse Nationale Civiele Politie beschoten. Bij de aanvallen kwamen tien agenten om het leven en raaktenzeven anderen gewond. 

Het geweld vond plaats kort nadat de autoriteiten eerder diezelfde dag gecoördineerde gevangenisrellen hadden onderdrukt. De onrust begon naar verluidt alsprotesten van gedetineerde bendeleden tegen de overplaatsing van bendeleiders en het afnemen van bepaalde privileges binnen de detentiecentra. 

Tijdens de rellen namen gevangenen gevangenispersoneel in gijzeling, waarna veiligheidstroepen ingrepen om hun vrijlating te bewerkstelligen. 

Na deze interventie zouden opgesloten bendeleiders uit vergelding aanvallen op politieagenten buiten de gevangenissen hebben bevolen. 

De noodmaatregel, formeel aangeduid als een staat van beleg, werd vervolgens goedgekeurd door het Congres van de Republiek Guatemala. Binnen ditkader kunnen bepaalde grondwettelijke zekerheden tijdelijk worden opgeschort, waaronder de bescherming die vereist dat arrestaties alleen met eenbevelschrift plaatsvinden. De maatregel geeft veiligheidstroepen, waaronder het leger, ruimere bevoegdheden om arrestaties en veiligheidsoperaties uit tevoeren. 

Mensenrechtenorganisaties hebben gewaarschuwd dat dergelijke opschortingen van fundamentele rechten risico’s kunnen opleveren voor de brederebevolking, in het bijzonder voor kwetsbare groepen zoals maatschappelijke leiders en inheemse autoriteiten. 

Overgang naar een staat van preventie 

Naarmate de 30-daagse staat van beleg ten einde liep, kondigde president Arévalo een koerswijziging aan. 

Op 15 februari 2026, één dag voordat de maatregel zou aflopen, verklaarde de president dat het land vanaf 17 februari zou overgaan naar een “staat van preventie”. Deze nieuwe maatregel zou gedurende dertig dagen in het hele land van kracht blijven en was bedoeld om de strijd tegen bendeactiviteiten voortte zetten. 

Onder een staat van preventie mogen de autoriteiten openbare bijeenkomsten en demonstraties beperken of opschorten, met name wanneer deelnemersgewapend zijn. Veiligheidstroepen kunnen ook het verkeer beperken en personen en voertuigen doorzoeken. In tegenstelling tot een staat van beleg staat dezemaatregel echter geen arrestaties zonder bevelschrift toe. 

Mensenrechtenzorgen en internationale monitoring 

In het licht van bovenstaande ontwikkelingen heeft PBI ernstige bezorgdheid geuit over de mogelijke impact van deze maatregel op de bredere bevolking. Hoewel de staat van preventie arrestaties zonder bevelschrift door nationale autoriteiten niet toestaat, blijven er zorgen bestaan over het onrechtmatigbeperken van openbare bijeenkomsten en demonstraties. 

Hoewel de regering het nooddecreet heeft gepresenteerd als een reactie op gecoördineerd bendegeweld, waarschuwt PBI dat uitzonderingsmaatregelen in Guatemala historisch gezien risico’s met zich meebrengen die verder reiken dan hun verklaarde veiligheidsdoelstellingen. In het bijzonder wijst de organisatieop de kwetsbaarheid van maatschappelijke leiders, inheemse autoriteiten en andere historisch gemarginaliseerde groepen, die tijdens eerderenoodtoestanden te maken kregen met criminalisering, intimidatie of disproportioneel doelgerichte acties door veiligheidstroepen. 

Gezien deze risico’s roept PBI leden van de internationale gemeenschap op om waakzaam te blijven en de uitvoering van de noodmaatregelen nauwlettend tevolgen. Diplomatieke missies, internationale organisaties en mensenrechtenwaarnemers worden aangemoedigd om de ontwikkelingen zorgvuldig te volgenen zich uit te spreken wanneer dat nodig is, mochten zich schendingen van fundamentele rechten voordoen. 

PBI dringt er ook bij de regering van president Arévalo op aan ervoor te zorgen dat de staat van preventie volledig in overeenstemming wordt uitgevoerd met de grondwettelijke waarborgen van Guatemala en zijn internationale mensenrechtenverplichtingen. Noodmaatregelen moeten, zo benadrukt de organisatie, uitzonderlijk, proportioneel en strikt beperkt in reikwijdte blijven. 

Tot slot onderstreept PBI het belang van het waarborgen van de veiligheid en fysieke integriteit van alle personen aan wie de vrijheid is ontnomen. Dit betreftniet alleen personen die zijn gedetineerd in verband met bendeactiviteiten, maar ook politieke gevangenen en anderen die in de context van gevangenisonrusten geweld aan verhoogde risico’s kunnen worden blootgesteld. Het waarborgen van adequate bescherming voor gedetineerden is een essentieel onderdeelvan de verplichtingen van de overheid onder zowel nationaal als internationaal recht. 

Voor een uitgebreider overzicht van de meest recente ontwikkelingen rond het werk van PBI in Guatemala, kunt u Bulletin nr. 54 raadplegen via de volgendelink: 
https://pbi-guatemala.org/sites/default/files/2026-02/B54_ing.pdf